#170451
#Opleiding #Toerisme

Rubens en de Barok, de kunst van de contrareformatie

Introductie

De 17e eeuw: de tijd van de heropbloei van de kerk dankzij de Jezuïeten, de voorvechters van de Contrareformatie en de richtlijnen voor de kunstenaars van Carolus Borromeus. Na de Beeldenstorm (1566) waren onze kerken leeggeplunderd. Kunstenaars, zoals Rubens, moesten zorgen voor een revival van de geloofsdaden, m.a.w. kunst als propagandamiddel: documenteren en imponeren. Volksdevotie en heiligenverering werden sterk aangemoedigd en moesten gevisualiseerd worden door schilderijen en beelden.

Heersen was een feest. Het feest wasvolledig als de heerser (kerk, staat, persoon) kon pronken met visueel waarneembare zaken: voorgevels als toneeldecors, monumentale altaarstukken, kerkelijk meubilair... en dat alles met zwierige vormen, vol pathos, dynamiek; contrasten in lijn, kleur en licht, fladderende draperingen, breedsprakerige gebaren....

Omschrijving

Aan de hand van een 10-tal items bekijken we hoe Rubens de Barok op weergaloze wijze gestalte gegeven heeft.

1) Rubens en zijn evolutie

In chronologische volgorde: Verblijf in Italië (1600-1609), de 'Sturm und Drang-periode (1609-1611), zijn klassieke stijl (1612-1615), stijlwijziging vanaf 1615, de periode van de grote reeksen (1620-1630), zijn lyrische periode (1633-1640).

2) Rubens en Italië

Hij verdiept zich in de kunst van de Oudheid en de renaissance. Alle grote kunstenaars passeren de revue: Titiaan, Veronese, Michelangelo, Rafaël, Caravaggio... Hij werkt er voor de hertog van Mantua. Bezoekt Rome, ziet er de Laökoongroep en de Medicikapel.

3) Rubens en zijn atelier

Rubens wordt overstelpt met opdrachten. Als een grootmeester-kunstenaar organiseerde hij zijn atelier met gespecialiseerde zelfstandige kunstenaars. Snijders zorgde voor de dierstukken, Jan Bruegel schilderde de bloemen en landschappen....

4) Rubens en zijn werkwijze

Rubens werkt steeds volgens een vaste procedure. Gesprekken met de opdrachtgever, voorstudies, compositorische schetsen, olieverfschetsen, contract, nauwkeurige tekeningen, afwerken van het schilderij.

5) Rubens en zijn diplomatieke opdrachten

Rubens was een welopgevoed man: diplomaat, verzoener, humanist, polyglot. Zo kwam hij regelmatig in contact met de vorstenhuizen van Europa. Onder de dekmantel van zijn kunst kon de schilder optreden als bemiddelaar in delicate politieke aangelegenheden. Of was het andersom?! Maria de Medici, de hertog van Buckingham, Anna van Oostenrijk...

6) Rubens en het portret

Ondanks zijn druk bezet leven, maakte Rubens tijd vrij om zijn vrouw, kinderen, familie en vrienden in beeld te brengen, soms met dezelfde statige waardigheid als zijn Koninklijke portretten, soms ook met een innemende, intieme huiselijkheid.

7) Rubens en het vrouwelijke naakt

Naar onze maatstaven zijn Rubens' vrouwen wel wat aan de lijvige kant! Die Rubensiaanse vrouwen behoren echter tot zijn tijd: ze etaleren welstand. Ze zijn het symbool van de economische welvaart tijdens het bewind van Albrecht en Isabella. Rubens schilderde de 'volledige' vrouw: stralend, wervelend, geïdealiseerd, speels, onmatig. Helena figureert zowel als Eva, Venus, Andromeda, in het oordeel van Paris, in de Liefdestuin....

8) Rubens en het dierenschilderij

De dierenschilders in de 17e eeuw beschikken over een aantal documentatiebronnen. 1) via reizen naar vreemde landen, verzamelingen van exotische dieren. 2) Vogelkooien met papegaaien, eenden... waren een statussymbool. 3) rondreizende menagerieën. 4) Privétuinen van Koninklijke gastheren bij wie Rubens

verbleef. 5) jachtpartijen waren een geliefd tijdverblijf.

?

9) Rubens en het landschap

Na zijn diplomatieke reizen is zijn leven rustiger geworden. Sinds 1635 verblijf hij bij voorkeur op zijn landgoed 'Het Steen' bij Elewijt. Te voet of te paard trekt hij door de velden, geniet en schildert het land. Hier leeft hij gelukkig met Helena Fourment die hem vijf kinderen schenkt. In dat thema voelt hij zich de erfgenaam van Bruegel: uitbundige levenslust, de wisseling van de seizoenen, landelijke feesten.

10) Rubens en de altaarstukken

Na de Beeldenstorm en de richtlijnen van het Concilie van Trente en in een periode van economische welvaart kon gedacht worden aan het herstel van het kerkelijke erfgoed. Kerkelijke overheden, kloostergemeenschappen, gilden, broederschappen en zelfs vermogende burgers wilden op de nieuwe altaren schilderijen plaatsen die, wat het afgebeelde onderwerp en afmetingen betrof, zouden beantwoorden zowel aan de geest van de Contrareformatie als aan de zin voor monumentaliteit en decoratieve zwier.

Voor wie is deze opleiding bestemd?

Voor reisleiders en gidsen (ook in opleiding), medewerkers musea & publiekswerking, toeristische diensten, reisorganisatoren en elke geïnteresseerde in geschiedenis en cultuur.

Programma

3 sessies op dinsdagen: op 7, 21 en 28 februari - telkens van 18h30 tot 22h.

Deze sessies worden georganiseerd in het kader van de bijscholingen voor de Reisleiders & Gidsen bij Syntra West, maar zijn toegankelijk voor elke geïnteresseerde. Ze zijn als permanente vervolmaking (PV) sowieso een aanrader voor elke afgestudeerde reisleider en gids.

Uiteraard zijn gidsen (in opleiding) ook welkom.

Freddy Vandecappelle, kunsthistoricus, docent Reisleider en Gidsenopleiding bij SYNTRA West en freelance gastdocent bij talloze andere organisaties